Terug naar de cover
Terug naar de inhoudstafel

Karel van de Woestijne


Gij draagt een schoone vlechte haar
allangs uw lage leênen ….
– Het is een trage dag voorwaar
van weiflen en van weenen.

Het is een lengende avond van
mis-troosten en mis-prijzen.
’t Is of de dag niet sterven kan
en of geen nacht kan grijzen ….

– Gij gaat mijn duister huis voorbij,
verlangenloos en rechte;
ik rade uw naakte, maegre dij;
ik zie uw donkre vlechte.

(uit: “Het huis aan den vijver, bij het woud” in: De gulden schaduw, 1910)

Bloemlezing Karel van de Woestijne : © samenstelling Hans Vandevoorde