Terug naar de cover
Terug naar de inhoudstafel

Jean-Marie de Smet

Moeë wandelaar

Eens was ik een moeë wandelaar en met te grote stappen ging ik de wereld in. Te grote stappen in een te trage tijd. En ik zag de meisjes in weemoed verbloeien. En ik zag hoe zij de zomer bij elkaar harkten. En ik hoorde hun stille kreten. En ik luisterde naar het krassend geluid van de hark in de afgestorven bladeren. En ik zag hoe vermoeid zij zich aan mij probeerden op te trekken en hoe zij giechelden van onbewuste pijn.

Dit schilderij, dacht ik, is het treurigste wat ik ooit voelde. Deze geluiden geurden als een vroeger bos, deze geuren waren beter dan kleuren, deze kleuren legden zich als watten om mijn ziel.
En ik wist, woorden zijn niet armer dan geuren en kleuren.
En ik wandelde weg uit het drama waarin deze figuren een rol speelden gedurende een ogenblik van volkomen onbeweeglijkheid.