Terug naar de cover
Terug naar de inhoudstafel

Chris Honingh


Voor haar is deze straat een ei,
de supermarkt, tassen vol flessen,
twee winterjassen overelkaar. Op
de hoek gaat ze, zonder te kijken,
over zebrapaden naar de overkant,

probeert het verkeer te ontwijken
met brilloze ogen. Bij het trottoir
gekomen stokt ze even, voorbij
het kantelpunt van de stoeprand
beweegt ze niet, geen hartenklop
meer in haar lijf, geen interesse

voor strepen op de winkelgalerij.
Het reclamebord met een olifant
klapt voorover, nog verder reiken
kan ze niet en dan, tegelijkertijd
breekt binnenin een vruchtbegin,
ligt de dooier languit op de straat.