Terug naar de cover
Terug naar de inhoudstafel

Chris Honingh


Sintels uit de asla lagen samen
met groenteafval op de krant toen
je de trap afkwam, beide handen
nat van de was. Je vingers waren
opgezwollen en rood, net politici
van de partij van de arbeid, sprak

vader geestig vanuit de stoel. Wie
bedoel je vroeg je, onderwijl strak
naar de tafel kijkend. De namen
zijn onbelangrijk, zei hij, ze doen
er niet toe. Je kamde mijn haren
met verve, de hoofdhuid brandde

ervan, ik voelde door je gebaren
heen dat er opeens iets in je brak.
Maar voor alles is er tijd en alibi
en sterven kon nog niet met goed
fatsoen. Toch waren er de tranen
van onmacht en verbolgenheid.