


|  |
Elma van Haren
Missen en bezitten
Hoogstamboomgaard tegen de vlakte. Al het hout keurig op grootte gestapeld en gesorteerd. De donkergele ronde zaagvlakken open en bloot. Iets pornografisch schaamteloos,
dat zich ook verderop spreidt in twee hoge bergen verwelkte prei.
Slap groen om weg te gooien.
Je denkt aan de oren van het lusteloze langoorkonijn in de kooi bij de buren.
Soms vloeit alles door elkaar vanwege het prijsgeven in het openbaar.
De een doet gedachteloos wat een ander blozen laat van schaamte.
Preistengels/ langoren.
Welke glans van de klinkende munt...?
Welke worp van de medaille…?
Kijk naar die man!
De mond is zonder tanden verschrompeld,
maar zonder de benen hebben de armen zich versterkt.
Wie iets mist, probeert de contouren binnen te halen met lange handen.
Wie iets bezit, wordt gedwongen dat onder ogen te zien.
Een geliefde is denken over de geliefde.
Het bezit dwingt je met kloppende aanwezigheid naar het bezeten hart ervan
en doet je soms wensen op de winderige vlakte te staan
van toen je nog… wat? Betalen?
Perfect ovalen lantaarnvlekken, waarin weerspiegeling van gezichten.
TL-treininterieur, waarin op zondagavond verliefde paren huiswaarts keren.
Stewardessen, studenten en een 40 jarige chinees met zeer wijze ogen
en een geelzwart jasje aan.
Hoe kan het verlangen naar iemand het verlangen naar iemand anders genereren?
Welk een vreemde omweg!
Wat doet je wensen in die wijze ogen te verblijven, in die fijne lijnen rond de mond, die rimpels in het voorhoofd. Wat ontroert je aan dat gemillimeterde haar,
aan dat glimmend jasje?
Strelen van een uur geleden zit nog in je gebaren en
daarom moet je constant strelen, omdat je het niet verleren wil.
Het zijn nu de eigen ogen die, terzijde gezet en wat jaloers
door die eerdere samenspanning van huid en hersens,
in dit treinspel springen en contouren willen strelen,
kost wat kost.
|