Terug naar de cover
Terug naar de inhoudstafel

Onno Kosters

      Zo, uitgecaleerd

       I’m going home.
       Falling Down

Buurman is laat vandaag.
Hij heeft zich verslapen,
verslikt in zijn douche (en water in zijn oor),
werd kort daarop vermalen tussen de kaken
waarmee zijn cruesliknauwende, onversagende, achterliggende
echtgenote, kinderen,
zijn hond en kat en papegaai
hem maanden
wel de tijd in de gaten te houden? Schat? Pap?

Hij zou het pakje sigaretten kunnen halen.
Hij rookt alleen allang niet meer.

Daar achter het in staal gevatte thermopane
gaat een door en door geladen lichaam schuil.

Zodoende rept hij zich, blackberry trekkend,
stroop aan een mondhoek en water in zijn oor,
naar zijn Landwind, koosnaam Hummer, op de oprit,
drapeert zijn nette krap colbert
om het knaapje dat vernuftig
aan de hoofdsteun vastzit.
Buurman in de droogte, water in zijn oor, start de, start de motor,
rijdt daadwerkelijk achteruit en wist zijn ruiten.

De geur van zeep en dode dieren
lekt door het roosterwerk naar binnen.

Lang, lange impasse. Tuimelend.

Buurman rijdt mijn oprit op, remt
af.
Stopt, stopt
zonder overleg de motor maar stapt,
stapt dan en water in zijn oor daadwerkelijk uit.
Buurman blijft staan vandaag,
en kijkt mij lange tijd niet aan.