


|  |
Sandra Burgers
Domburg dwaalt
Welke kant moet het op
wanneer je links van rechts niet
scheiden kan
het duidelijk knarsende pad van geperst vries
of het dwalend bruin van zuigende modder
Wijst de toren? wit rood als een gestapelde dame
met ringen om haar hals en reikend naar
verlaagde horizon over een gevuld bord van zee
Oh!
Wanneer stopt het lyrisch bruisen in mijn kop
als er suiker mengt, zoals in cola?
Scheur me toch een papiertje, leg een pijl
zodat ik niet verdwaasd om me heen kijk
en steeds losse bomen zie in plaats van gekaald bos
Wat is de weg zonder pad van richting
een drijvend vel op kasteelwater
ik weet het weer:
dáár moet we heen, we kwamen er vandaan
glijdend naar eendjes op gevallen brood.
|