Terug naar de cover
Terug naar de inhoudstafel

Onno Kosters

‘The Enforcer’ is het sluitstuk van de cyclus Callahan: vijf lange gedichten (of korte films) - achtereenvolgens ‘Sudden Impact’, ‘Dirty Harry’, ‘Magnum Force’, ‘The Dead Pool’ en ‘The Enforcer’ - met in de hoofdrol Harry Callahan, alias Dirty Harry.

 

THE ENFORCER

Aanvankelijk lijkt er nog niets aan de hand,
    die dag als nooit tevoren. Autonoom,
       r.e.m. op de achtergrond,
voor de achtergrond.

Callahan op weg naar Rome.
Linksrheinisch of via Sauerland,
   dat is de vraag. Autobahn,
       het suikerklokje in het ivoren dashboard
heeft ontelbare korrels te gaan, nog,
    maar te gaan
      zullen ze.
De dobbelstenen
    bungelend aan de binnenspiegel
       spelen verstoppertje
in Harry’s zonnebril,
   het hondje op de hoedenplank
      knikt de achterblijvers
vriendelijk toe
    en Callahan in zijn best sportsjacket,
       R.E.M. op de achtergrond
voor de achtergrond,
    tevreden met de beelden
      van de aloude
vergankelijkheden,
    het vergankelijk,
       het onherbergzaam heden,
zo nabij en zo vertrouwd,
drukt het pedaal
   eens te dieper in,
radiaal met staal
   moffelt het pokdalig asfaltbeton,
       oppasser,
het zoab suist,
    hectometerpaaltjes met ideale
      legervoertuigen en
mysterieuze pijlen en cijfers
   flitsen voorbij,
      de maaltijd en de wijn
uit Raststätte Hunsrücke
   dobberen hem zachtjes
      in de buik
(hij wilde eerst geen buik nemen),
   warm,
      Lärmschütz,
de koffie met slagroom,
   die twee glaasjes Schnapps,
      het kruidige sigaartje, R.E.M.
op de achtergrond voor de achtergrond,
    de felheid van een buitensporig sneeuwlandschap
       door de Garfield-zonneschermen
onschadelijk gemaakt,
   het interieur
      met zijn Italiaans raffinement
baadt in een zachtblauw schijnsel,
    de plakhinden, -giganten en -godinnen
      spelen hun schaduwspel op de ramen,
achter de Garfield-zonneschermen,
    herinnering.
Riesenstau.
Zijn navolgers heeft hij niet.

Zijn kind.

R.E.M. op de achtergrond
   voor de achtergrond,
      ongemerkt haast lekkend
uit de notenhouten console
   van deze Lotus
      die sfeervol wordt geaccentueerd
(de notenhouten console
   van deze Lotus)
      door marmeren
knopjes en hendeltjes en schuifjes en palletjes,
   alle psychekinetisch
      aan te sturen.
De techniek heeft in dit onderkomen
   haar ultieme uitdaging gevonden.
       Je zou er slaperig van worden.

(Dacht u al, dat kan niet goed gaan.)

(Hypothetic situation, eh?)

Harry vrijaf = Harry roekeloos = Harry in remslaap.

Slipsporen zijn beweegredenen.

Autodafe.

Sirenes versieren
   R.E.M. op de achtergrond.

Laveloos tussen de Scylla der Chablis
   en de Charibdis van de Pflümli’s,
      Harry onzorgvuldig vorbereitet,

da’s ’em in de hoek,
   da’s ’em in het stop-
       licht:
Callahan van God los.

In de nasleepse opvang,
    Callahan als commentator
      met een kop
als een boei,
   Callahan als komische vlieger,
       als, kraam uit,
Maradona! Maradona!! Maradona!!!
Alle twijfel is weg!

I don’t have time to argue religion with you boy.

Marvellous.

Zijn klassieken kennen hèm,
   dàt is het probleem.

Al die echo’s,
    je ziet er zoveel in al, hè,
      tegenwoordig?
Autoopmaak; net mij.
Schaduwboksend veertje in haar buik.

Aangeboren,
   ingetogen
      pret.

Moet je net mij hebben.

Helpers erbij.

Eerst baren ze hem godeverdomme zorgen,
   dan gaan ze met hem op de loop!

Je zou die loop
   als metafoor
       voor zijn hele carrière kunnen beschouwen:
hij gaat recht op zijn doel af,
   stoïcijns elke tegenligger
    op zijn pad negerend.

Callahan in een hotel
   ergens midden in de wereld
      die Duitsland heet.
Hij zal gek zijn extra
   voor een badstop te betalen, zit
      minstens een uur te weken
met zijn hak in de afvoer.
Dan zonder handdoek,
   Callahan die zich afdroogt
      aan het gordijn.
Net Robinson.
Typisch.

Maar zo oud als hij zich vandaag voelt,
   zal hij wel nooit worden.

      [Pauze]

Callahan gerepatrieerd,
   beter nu,
      zelf gedaan,
autogenese,
    welcome to homicide.

Aanvankelijk lijkt er
   van alles aan de hand,
      geweld dat met geen pen,
de stad een dierenrijk.
Duizenden vogels,
    honderden duiven,
      groepje gedaanten,
man in zijn ene,

het gekrakeel
   is van lucht.

Callahan van
   vriesdroog bordkarton,
       harrying,
fleeing,
   geschorst, weggestopt
      in de stripheldenbuurt.

Het is winter en herfst tegelijk.

En iedere dag weer
   de duizenddodenstoet
      van dappere sjablonen
op weg naar hun werk.

‘Wat gaan jullie doen!?’
‘We hebben op het gebied van communicatie
   een adviesrol richting wethouders!’

Maak de kachel aan, Callahan.

Almere-Stad,

maak de kachel aan, Callahan.

En de muzen maar piepen,
   desnoods,
      we don’t deal in violence!

What do you deal in?

Waiting.

Maak de kachel aan, Callahan.

Maar koortsachtig,
   Harry op het punt
      zijn afwezigheidsassistent
de vrije hand te geven.

Maak de kachel aan, Callahan.

Zij: Don’t concern yourself, inspector.

Maar zwetend,
   Callahan van plan.
      een verklaring af te leggen
als een veel te lang, te gedragen mantel.

Go ahead.

Your mouthwash ain’t making it.

Maak de kachel aan, Callahan.

Later, op een eiland in het midden
   van wat weer water werd,
       laaiend en
R.E.M. dreinend
   op de achtergrond,
      kwam Callahan tot de conclusie,

© Onno Kosters