|
Sofie Verdoodt
bij Ophelia [Millais]
dit is onmiskenbaar mijn gelaat
wat drijft haar onder de wilgen
en maakt haar lijf
tot ongewiede tuin
geen man die opklimt aan haar benen
maar kruid dat om haar lenden windt
de knoppen van haar borsten klappen open
en haar longen dicht
water verdunt de herinnering
de zon loopt als een ei
over haar uit
wie roeit haar
naar de overkant?
een argeloze hand
ik vraag mij af
of mijn haar ook onder de aarde
door zal groeien
|