Terug naar de cover
Terug naar de inhoudstafel

'Vertel niet aan mijn vrienden dat ik copywriter ben. Ze denken dat ik piano speel in een bordeel.'

Peter Theunynck

    Behalve misschien in de dagen van de blinde zanger Homeros [of in de tijd van de minnestrelen], hebben dichters nooit van hun verzen kunnen leven. Ze hebben altijd al een soort dubbelgestalte moeten aannemen [dichter-streepje-iets-anders-voor-de-kost] en dat zal vermoedelijk zo blijven. Dat is hun lot.

    Zo heb je bijvoorbeeld het type van de dichter-politicus [emanaties daarvan zijn Dante Alighieri of Eyskens Mark], de dichter-leraar, de dichter-dokter [Kopland, Tellegen,…], de dichter-uitgever, de dichter-journalist, om er een paar te noemen. Maar wat is de meest succesvolle combinatie? Misschien moet daar maar eens een ernstige, multidisciplinaire wetenschappelijke studie aan gewijd worden.

priester-dichter
    Eind negentiende, begin twintigste eeuw was de priester-dichter het winnende koppel. Deze god-is-het-woord-combinatie zorgde voor hoge toppen, zoals de poëzie van Guido Gezelle, en diepe dalen als Cyriel Verschaeve. Met Anton Van Wilderode is ze aan het eind van de vorige eeuw een zachte dood gestorven.

    Tegelijk met de priester-dichter is ook de dichter-ambtenaar zo goed als verdwenen uit het literaire landschap. Logisch. Waar het beroep van ambtenaar voor de schrijver tot ver in de twintigste eeuw vaak een vermomde sinecure was, is het dat heden ten dage niet meer. Begrippen als klantvriendelijkheid, responsablisering, flexibiliteit, copernicus… hebben de dichter in de ambtenaar verstikt. Hij werd uitgerookt en heeft zijn ministeriële holen hoestend verlaten.

    De dichter-kameleon heeft zich aan de hedendaagse tijd aangepast. De vloedgolf van marketing en communicatie die onze contreien overspoelt, heeft hem in haar vaart meegesleurd. Waar hij vroeger in een rustige pastorie tussen god en woord verbleef [of zoals Pessoa als hulpboekhouder een schimmig bestaan op een achterafje bij elkaar schraapte], moet hij zich nu in een betonnen kantoortoren, tussen briefings en deadlines, tussen gsm’s en powerpointpresentaties staande houden.

dichter-copywriter
    Zijn die taken met elkaar te verzoenen? Vreemd genoeg wel. Dichters en copywriters werken met hetzelfde basismateriaal: words words words. Ze gebruiken dezelfde trucs, dezelfde procédés [rijm, alliteraties, metrum, metaforen, chiasmes…], middeltjes die maken dat ‘Kopen bij de spar, is sparen bij de koop’ beter blijft hangen dan ‘De Spar is een voordelige winkel’. Het is dan ook logisch dat uitgeverijen en reclamebureaus in dezelfde mensenvijver vissen.

    Het basismateriaal is hetzelfde, de techniek is min of meer gelijklopend, alleen doelstellingen en deadlines verschillen. Met de ene taal wil je ontroeren, met de andere verkopen [maar voor je kunt verkopen, moet je ook eerst ontroeren]. Voor het ene project krijg je een week voor het andere een mensenleven.

    In de dichter zit wel een stukje copywriter [hij schrijft toch vaak zelf zijn achterflaptekst]. Maar dat er ook in de copywriter een beetje dichterlijke ziel zit, dat had u niet gedacht. Ik kan het bewijzen.

    Ik herinner me een ‘waar gebeurd verhaal’ van – dacht ik - copywriter Chris Dieltjens. Het gaat over een blinde die voor het Centraal Station in Antwerpen zit. Het is maart. De eerste zonnestralen strelen de huid van de voorbijgangers. Paaslelies bloeien in bloembakken, het ruikt naar krokussen. De man zit bij de ingang zielig te zijn. Op een stuk karton dat voor hem ligt, staat ‘ik ben blind’. Af en toe gooit een voorbijganger een muntje in zijn pet. Dan komt er een copywriter voorbij [het lijkt wel de Barmhartige Samaritaan]. Hij haalt geen vijffrankstuk uit zijn zakken, maar een viltstift. Wat had u gedacht. Hij neemt het kartonnetje en schrijft er drie woorden bij. Nu staat er : ‘het is lente …ik ben blind’. Wanneer de man aan het einde van de dag zijn pet neemt, merkt hij dat ze loodzwaar is. Nog nooit heeft een dag aan het Centraal Station hem zoveel opgebracht.

    ‘Alles van waarde is weerloos’, de slogan van die grote Rotterdamse verzekeringsmaatschappij, was die nu geschreven door een copywriter of een dichter?

reclame met een kleine c
    Voor het goede doel mogen woorden werven. Daar heeft niemand problemen mee. Maar schrijverschap en commerce, is dat niet iets vies?

    Dat wordt wel eens verdacht gevonden. De dichter-copywriter stelt immers niet alleen zijn tijd maar ook zijn pen ter beschikking van de commercie. Maar doen dichter-dokters en dichters-journalisten dat dan niet? Zelf bekijkt hij het [om in marketingtermen te spreken] als een win-win relatie. Terwijl hij met woorden zijn brood verdient, slijpt hij ook elke dag geduldig zijn instrumentarium bij. De toekomst zal uitwijzen of het een vruchtbare dan wel een vernietigende hybride is, zoals daar is de politicus-zondagsschilder.

    Dat je met onversneden poëzie niet enkel esthetische, maar ook pecuniaire doelstellingen kunt bereiken, bewijst alvast dit gedicht. Ik schreef het in 1996, toen Humo 50 Braun Shave en Shape scheerapparaten beloofde aan mensen die er een leuk gedicht [à la Paul Van Ostaijen] over maakten. Een week nadat ik het gedicht had opgestuurd, lag er zo’n glimmend ding aan mijn voordeur. Ik scheer er me nog altijd mee.

 
De B van Humo

Heb je 't al gezien? Wat? Waar?
Peter Theunynck heeft een Braun scheermachien,
KADO gekregen van HUMO Wat, hoezo?
JAWEL een echte Shave & Shape van Braun,
geplukt uit de kolommen van HUMO.

Mars MORTIER, mars MORTIER
breng die scheermachine hier.
Want een Braun is een WONDER der techniek.

Hoe wordt je kin zo glad als Bormes-les-Mimosas?
Je stoppelbaard zo prikkelbaar als Tom Lanoye?
Hoe knip je de ringbaard van De Niro in Heat,
of de baard van ZWARTE PIET.

Niet met MEXX of Benneton, maar met de Shave & Shave van Braun
natuurlijk.
Ook Big Betty heeft een Shave & Shape.
En Sabine Appelmans een rozenkrans [van tennisballen].

Zo jodelen de gogogirls van HUMO:
je baard wordt je eigen SCULPTUUR.
Je baard wordt je eigen SCALP TUUR!
De gogogirls van HUMO jodelen zo.

Als Hitler iets met Braun heeft
en Braun heeft iets met Humo …
Dan heeft HUMO iets. Hoezo een Braun van HUMO?

Mars Mortier, mars Mortier
breng die scheermachine hier.

Ook Paul Jambers heeft een Braun Shave & Shape.
Gisteren nog op TV, vandaag om scheerzeep.

(c) Peter Theunynck