|
Peter
Theunynck
Büchenwald
Hier loopt de hemel zonder papieren
de poort in en uit. De wind maar
tegengas geven, ver buiten de tijd.
Ergens vraagt: waar zat het woord
tornado of tempeesten? Waar was het
toen mee bezig? Het zat antwoordt het
hier zijn oorsprong te herkauwen.
De waarheid mengde zich
intussen met de avond.
Trilde aan neusharen. Men nam
zich voor. Men verzette zich
met bergen kantoorwerk, men zong
in koor, men concentreerde zich
op de sluitspier. Ergens liep vast
in zijn slaap, vroor tegen de ochtend
in de kooi. Ergens liet men
los. Handen gleden door het zand,
brandden zich vast in de as.
De regen tikt nu de laatste dossiers,
de ruitenwissers knikken maar nee,
de hemel nog grijzer dan wij.
|