De man en de tram Op andere dagen liep het ene of het andere fout. Op schaarse dagen liep niets fout. 16 februari was zon dag. 12 april ook. In het najaar zullen er hopelijk nog wel enkele goede dagen volgen. Zestien februari zal ik niet vlug vergeten. Het regende niet en de tram was stipt: 5u.48. Drie minuten later - één halte verder - duidde de elektronische klok 05:55 aan. De rode verkeerslichten sprongen op groen, 50 meter voor het kruispunt (tweemaal de lengte van een gewoon zwembad, die afstand ken ik goed). Perfecter kon niet of toch moeilijk. Aan de halte van de Dichelstraat, de halte waar de tram rakelings langs het knipperlicht scheurt is meneer Rodejas niet present, dus stopt de tram niet, dat maakt 21 seconden winst. Van eind september tot begin mei draagt meneer Rodejas een rode anorak. Als juffrouw Streepjesmond nu ook een latere tram zou nemen, en dat gebeurt af en toe, dan hoeft de tram ook hier niet af te remmen, te stoppen, deuren te openen, deuren te sluiten en dan weer op te trekken en winnen we 38 seconden. Maakt samen 59 seconden. Geen juffrouw Streepjesmond. Tralalalala. Aan de halte Minière moet er worden gestopt. Er stappen minstens drie klanten op. Bovendien stapt Zwoellips die het geïsoleerde, laatste, beste plaatsje in de tram achteraan links in de rijrichting bezet heeft, hier altijd af. Aan de Minière zijn ook verkeerslichten. Die werken in 3 etappes, of 4, of 5, pijltje naar rechts, pijltje naar links, pijltje rechtdoor oranje, rood, groen, we mogen blij zijn dat de verkeerslichten niet het hele kleurengamma afwerken. Mevrouw Thermossacoche, een echte dame, gunt me een vriendelijke maar toch wat verveelde goeiedag, verveeld omdat niet altijd duidelijk is voor wie haar groet is bestemd. Een man voor me kijkt even half om en begrijpt dan dat de groet niet voor hem was bestemd. Hij is geen regelmatige klant, dus waarom zou iemand aandacht aan hem besteden. Daar een affiche, koude wodka op een warm lijf. Mooie prent maar slechte reclame. 5u59. Zelfs 6u02 was nog tijdig geweest. Tussen de kastanjebomen kan er zich - zij het uitzonderlijk - nog een probleem voordoen. In de eerste bocht is er een vluchtspoor, daar moet de bestuurder een elektronisch commando geven zodat hij niet op dat vluchtspoor terechtkomt. Door een stofferige (bij droog weer) of een glibberige (bij nat weer) omgeving kan het systeem soms geblokkeerd raken. Dan zitten we pas goed in de miserie. De bestuurder moet in dat geval het probleem manueel oplossen, hij moet een hefboom nemen (lijkt wel een breekijzer), moet uitstappen, zich naar de wissel begeven, trekken en sleuren, terugkomen, de tram instappen, de deur sluiten, de hefboom opbergen (de laatste twee handelingen gebeuren soms in omgekeerde volgorde d.w.z. eerst de hefboom opbergen en dan pas de deur sluiten - in dat geval hebben we een snellere, actievere conducteur, een man zonder ochtendhumeur). Vandaag is er geen probleem, we behouden onze voorsprong: 3 minuten, bijna 4 minuten. Aan de Duizend vuren stapt mevrouwke Scheef op. Gewone, verstrooide vrouw, zware boodschappenzak. Stapt dadelijk af aan t magazijn. In het midden van de Snee is er ook zon irritante halte. De tram heeft er een prachtige, volle vaart, helaas kan hij die niet altijd volhouden omdat er af en toe iemand wil instappen. Het zwarte jongetje van vorig jaar à propos heb ik in geen maanden gezien. Hij werd elke dag door zijn moeder naar hier gebracht. Misschien zit hij op een andere school, misschien zijn er gezinsproblemen, heeft zijn moeder een nieuwe vriend of zijn vader een nieuwe vriendin, misschien is hij ziek? Of zijn ze gewoon brutaal het land uitgewezen? De tijdsdruk staat me geen politieke bespiegelingen toe. Is voor vanavond, na de tramrit naar huis. Door de reclame van H&M op het tramhokje is het net of er iemand staat te wachten. Ik zie dat de bestuurder ook twijfelt. Geen klant. 5u59. We liggen serieus voor op ons schema. Dikwijls is het hier al 6u03. De biepjes van 6 uur. Ik vermoed dat het niet mag, maar een bestuurder met een radio moet kunnen, vind ik. De nieuwsberichten, radio 1 geloof ik. Al op tachtig meter afstand zie ik reeds de opgepast voetgangers knipperlichten flikkeren. Dat betekent groen voor de tram. Het lukt. Sommige trams stoppen hier bij oranje en dan is het ook feest, 1 minuut en 50 seconden van onze boterham gejat. Halte-aanvraag, ping, altijd precies voor de garagepoort Dekens. Mevrouw Scheef stapt uit, een beetje verlegen. De kleine ring. Op de middenberm. Tralalala. Fortis links, en nu Mc Donalds rechts. Hier hebben ze het echt bruin gebakken. De tram moet naar rechts, richting station. De autos die rechtsaf moeten draaien kunnen dat dankzij het groene pijltje. De tram moet echter wachten op het volle groene licht. Maar, bij vol groen, komen ook de autos die rechtdoor moeten in beweging en die blokkeren op die manier onze tram. Waar heeft de stad en/of de trammaatschappij dergelijke stomme, miserabele ezels van ingenieurs gevonden en vervolgens ook nog eens aangeworven, venten met hersens zo groot en zo zwaar als een pingpongballetje die elke tram komende van het centrum met bestemming station, 1 minuut vertraging wisten te bezorgen? Waarom in godsnaam? Waarom? Elke tram met pakweg twintig, dertig reizigers gemiddeld, 6 trams per uur van ongeveer 6 uur s morgens tot ongeveer 22 u 53 s avonds, dat maakt al vlug samen 3.000 minuten oftewel 50 uur per dag tijdverlies aan dit éne verkeerslicht voor werkende of reizende mensen. Maar vandaag hebben we een goeie chauffeur, hij is een beetje door t rood gereden en dat levert een tijdwinst van één minuut op. Links Fortis en rechts Fortis. En de volgende verkeerslichten, dat kan ik al van hieruit zien, staan op rood, dus groen tegen de tijd dat we er aankomen. Groen. Vanaf nu stapt niemand meer op, niemand meer af. Ik durf de situatie aan de verkeerslichten aan het stationsplein niet te beschrijven. Hier twijfel ik elke dag weer opnieuw of ik mijn abonnement zal verlengen. We zijn er, de bestuurder springt uit de tram en holt naar de toiletten. 6u. 05. Mijn aansluitende trein vertrekt om 6u 15. Tijd zat.
|
|||||||||