


|
 |
Vanuit de kroeg
Johan Vandenbroucke
Plaats van het gebeuren, ergens in 1999, was een groot café, waar alweer een nieuw
boek feestelijk werd voorgesteld. De kiesheid verbiedt me de naam van de auteur te
vermelden; hoogstwaarschijnlijk is ook hij binnen dertig jaar nagenoeg compleet vergeten,
net zo goed als het overgrote deel van de nu publicerende Vlaamse schrijvers, mezelf
inbegrepen. Op die boekvoorstelling - na de toespraken en het eerste glas schuimwijn dat
parelde als champagne - kwamen we samen te staan, in de buurt van de gratis hapjes
natuurlijk: een paar relatief jonge schrijvers en enkele al dan niet would be literaire
journalisten. Na nog een glas of wat ging het gesprek over jonge leeservaringen, oude
literaire halfgoden, en ten onrechte veronachtzaamde schrijvers. Bleek dat we allemaal wel
iets hadden met Roger van de Velde: boeken als Galgenaas, De slaapkamer, De knetterende
schedels, Recht op antwoord, Kaas met gaatjes en Tabula Rasa hadden blijkbaar behoorlijk
wat indruk op ons gemaakt.
Het voorstel om speciale aandacht te besteden aan de dertigste sterfdag
van Roger van de Velde werd gedaan door Erik Vlaminck, voor wie Van de Velde zelfs een van
de voorbeelden was om zelf met schrijven te beginnen. Dezelfde avond ontstond het idee om
in twee literaire tijdschriften - Gierik & NVT en De Brakke Hond - een complementair
katern over leven en werk van Roger van de Velde te publiceren. Met Stefan Brijs - die in
krantenessays (De vergeethoek) en zijn boek Kruistochten al met veel piëteit
verwaarloosde schrijvers terug onder de aandacht bracht - vormden Erik en ik een ad hoc
redactietje, dat voor beide tijdschriften het katern samenstelde. Van de weduwe van Roger
van de Velde kregen we toestemming (eerder nog ongepubliceerde) brieven, die we via
diverse kanalen op het spoor kwamen, te publiceren. Aan enkele tijdgenoten van Van de
Velde vroegen we om hem, dertig jaar na dato, een brief te schrijven (gepubliceerd in
Gierik & NVT), en enkele schrijvers van de latere generatie beschreven voor ons hoe ze
zich door Van de Velde geïnspireerd voelen (gepubliceerd in De Brakke Hond). Verder zijn
er, ook verspreid over de twee tijdschriften, enkele markante anekdotes uit zijn
journalistenbestaan. Het kan de geïnteresseerde lezer maar aansporen om zich beide
tijdschriften aan te schaffen. Wie nog meer informatie over Roger van de Velde wenst, kan
terecht op de internetsite van De Brakke Hond, waar ook enkele al eerder verschenen
artikelen over de schrijver gepubliceerd staan.
Dat allemaal in de hoop dat het werk van Roger van de Velde opnieuw zou
worden ontdekt. We prijzen ons in elk geval al gelukkig dat een Nederlandse uitgever
concrete plannen heeft om enkele van zijn boeken weer uit te geven.
Hoe een kwansuis begonnen kroeggesprek alsnog kan uitmonden in een
weliswaar bescheiden bijdrage tegen het wegdeemsteren van een oorspronkelijke stem in de
Vlaamse literatuur.
|
|