


|  |
Een zekere rilling
Kamiel Vanhole
Amper ben je bekomen van alweer een Algerijns dorp dat is uitgeroeid, of je krijgt een getuigenis te lezen over vrouwen die glas in hun dinges gestopt krijgen. Oké, denk je, goed dat dit wordt uitgebracht, en nee, de wereld heeft nooit vlechtjes gedragen, maar wanneer zal die etterbuil nu eens definitief opengesneden en verzorgd worden? De zucht naar een grote schoonmaak is machtig, ze groeit naarmate de verkiezingen uitgesteld worden, maar de financiën zijn gezond, zegt de minister van economische zaken.
Op dat moment wordt er gebeld. Een dikke vrouw met vlammend haar duwt een papier onder je neus, waaruit blijkt dat ze aan een Kinderkruistocht deelneemt. Het kind in kwestie zou in Amerika behandeld moeten worden en kan dus niets terugtrekken van het ziekenfonds. Zie, het heeft een Tsjernobylhoofdje en hier op de achterkant van het blad kun je met je eigen ogen een verklaring van de ouders lezen. Voor 200 frank mag je iets kiezen uit een kermispakket van kalenders, kleurboeken, wenskaarten en fotoalbums.
Wat te doen, schrijver?
Kies jij, zeg je tegen je dochter. Of neem dat album maar, 't kan nog van pas komen. Kijk, Goofy staat erop. Wat denk je, madame is aan 't wachten, gelukkig is het niet koud voor de tijd van het jaar.
En soms haal je inderdaad je neus op voor de politiek, maar dat recht heb je, het recht om je absoluut niet schuldig te voelen als je alleen met woorden en beelden bezig bent die niet politiek relevant zijn maar misschien toch de mensen aan het denken zullen zetten. Of aan het gieren.
Trouwens, wat had de Max Havelaar uitgehaald? Het boek verscheen in mei 1860. Op 25 september 1860 zei een lid van de tweede kamer dat er 'de laatste tijd een zekere rilling door het land gegaan was, veroorzaakt door een boek'. Even werd er op ingegaan, zonder dat de auteur in kwestie zelfs maar terloops genoemd werd. Bij de verkiezingen van oktober 1860 behaalde Multatuli welgeteld negen stemmen. En tot in 1875 werden er niet meer dan een paar duizend exemplaren van de Max Havelaar verkocht. Later ja zal het boek zijn definitieve invloed krijgen op een nieuwe generatie schrijvers en politici.
En wat te doen, schilder?
Bij de dood van Stalin vraagt Louis Aragon, tevens directeur van het blad Lettres françaises, aan de grote communistische kunstenaar Pablo Picasso om een portret te maken van het overleden staatshoofd.
Als model kiest hij een foto uit 1903, toen Stalin vierentwintig was. Een week nadien verschijnt het portret op de cover van het herdenkingsnummer.
Schande, schreeuwt de partijtop. Als dat de grote voorganger moet voorstellen! Met zo'n snor. En waarom een houtskoolschets? Kon hij dan echt geen waardiger beeld ophangen? In een officieel communiqué wordt het portret gedesavoueerd.
Wie er nuchter onder bleef, was Jean Cocteau. Picasso, vertelde hij later, had het portret op vijf minuten gemaakt, in de vlucht. En het was eenvoudig mislukt.
Intussen blijft de vraag hangen. Wat gedaan, schrijver? Zijn politiek en literatuur nu echt water en vuur, zoals Plato ons wil doen geloven? Voor dichters, ja, eventueel. Maar jij schrijft proza, jij hebt het over mensen, altijd dezelfde kleine mens en altijd een andere, met zijn razrnij en zijn machteloosheid, zijn verveling, zijn liefdes, zijn grootspraak. Mensen die je om je heen ziet, met wie je praat en die je uitvergroot. Mensen in wier ogen de wolken voorbijgaan. Of is dat niet politiek soms?
Nee, je moet de straat op. Ook jij dichter, zou je willen roepen. Maar als die dichter dan antwoordt dat hij aan zijn eigen innerlijk al ruimschoots genoeg heeft, dan kun je dat misschien spijtig vinden, maar hem ongelijk geven, nee.
Een schrijver moet niks.
Je doet wat je hart en je hoofd je ingeven. Soms hou je een onomwonden pleidooi voor stemrecht voor migranten, soms schrijf je met je rug naar de wereld. Je denkt en je schildert, je walgt en je zingt, grover kan je het niet samenvatten. En je hoopt dat die twee elkaar nooit in de weg zullen zitten: dat je denken zinnelijk is en je zinnelijkheid doordacht. Dat je de mensen een spiegel mag voorhouden en dat die spiegel soms zwart uitslaat. Of paars. Waanzinnig paars.
|
|