Vrouwen, vergeef als ik heb liefgehad,
Als ik wel duizend toortsen voelde branden,
Wel duizend smarten, duizend scherpe tanden,
Als ik met wenen tijd en uur vergat,
Maar dat mijn naam door u niet wordt beklad.
Als ik gefaald heb, is de straf voorhanden,
Verscherp niet nog de pijlen van de schande,
Maar weet dat Amor eenmaal, zonder dat
Vulcanus' vuur u kan verontschuldigen
Of u Adonis' schoonheid kunt beschuldigen,
U, als hij wil, nog meer verliefd kan maken,
U die al werd u minder kans gegund,
Nog vreemder, feller hartstocht voelen kunt.
En vrees in erger ongeluk te raken.