22

Glanzende Zon, hoe zalig om altijd
Het aanschijn van je Liefste weer te vinden,
Terwijl jij, Maan, Endymions beminde,
Je mond met ambrozijnen zoenen weidt.

Mars kijkt naar Venus, door de sferen glijdt
Mercurius avontuurlijk op de winden,
En Jupiter laat zich alom veblinden
Door wat zijn jeugd verhit heeft en verblijd.

Dat wil de grootste orde van de Hemel,
Die samenhoudt dit goddelijk gewemel,
Maar week wat zij beminnen uit hun blik,

Dan zou hun evenwicht en strenge orde
Een wisselvallige verwarring worden
Waarin zij zouden wankelen als ik.


© vertaling Paul Claes