Biografische notities


Het copyright van de verhalen en gedichten die in de electronische versie van De Brakke Hond worden gepubliceerd berust bij de auteurs.



Frank Adam (1963): schreef de roman De Waterman (Letterkundeprijs Provincie West-Vlaanderen) en het toneelstuk Wakitchaga, publiceerde eerder in De Brakke Hond, Dietsche Warande & Belfort.


Sara Block (1968): studeerde Algemene Literatuurwetenschap en Nederlands, bereidt een doctoraat voor over Stijl en Gender.


Jan Bosteels (1968): studeerde Germaanse, redacteur Dedalus.


Matti Brouns (1950): studeerde film (RITCS) en filosofie (VUB), schreef de dichtbundel Kamertjes zonder en publiceerde eerder in NVT, Gierik en Letters.


Paul Claes (1943): dichter, auteur, vertaler, publiceerde onder meer De mot zit in de mythe, Het laatste boek en De Sater.


Didi de Paris!!!! (1957): zelden genoeg uitroeptekens achter zijn naam, publiceerde romans en verhalenbundels (o.a. Maladie d'amour en Hors d'œuvre), Voyeur is zijn recentste verhalenbundel.


Guido de Bruyn (1955): regisseur.Werkt aan een film over Paul van Ostaijen, met uitsluitend teksten van de meester zelve.Uitzending s gepland ruim na de PvO-overkill: op 17 september '96, BRTN.


Gerd de Rycker (1954): klinisch psycholoog, publiceerde eerder in Deus ex Machina.


Henri Floris Jespers (1944): erevoorzitter van de Vereniging van Vlaamse Letterkundigen, publiceerde dichtbundels, prozaboeken, monografieën, literaire esays.


Paul Koeck (1940): schreef romans, verhalen, toneel en bewerkte het œuvre van Walschap voor t.v.


Jan Kostwinder (1960): leraar Nederlands, publiceerde de dichtbundels Binnensmonds en Een kussen van hout, vaste medewerker De Zingende Zaag.


Luk Lambrecht (1959): onder meer kunstrecensent De Morgen.


Geert Lernout (1954): publicist, doceert literatuurwetenschappen aan de UIA, publiceerde in 1990 The French Joyce.


Arjan Mandemakers (1960): debuteerde met De koofschep, publiceerde eerder in Deus ex Machina.


Joris Note (1949): criticus voor De Morgen, publiceerde ondermeer de roman De tinnen soldaat en de verhalenbundel Het uur van ongehoorzaamheid.


Marc Reynebeau (1956): historicus, redacteur Knack, publiceerde naar aanleiding van de Van Ostaijen herdenking Dichter in Berlijn waaruit dit hoofdstukje werd gelicht.


Gabriele Romagnoli (1960): debuteerde in 1993 met Navi in bottiglia (Scheepjes in een fles), vorig jaar verscheen zijn eerste roman In tempo per il cielo (Op tijd voor de hemel).


Arend Roosenschoon (1929): beeldend kunstenaar, gewezen directeur Fodor Museum Amsterdam, schrijft gedichten en essays.


Kamiel Vanhole (1954): auteur van de romans De beet van de schildpad en Overstekend wild.


Johan van Oers (1952): winnaar van talrijke poëzieprijzen, publiceerde een vijftal bundels waarvan Bijna is de helft van niets de meest recente is.


Dirk Verbruggen (1951): schrijver van de romans De liefdeseter en Mijnheer en het meisje en de poëziebundel Mag ik het even laten sneeuwen?


Peter Theunynck (1960): copywriter, publiceerde de cyclus Waterdicht (samen met schilder Jus Juchtmans), publiceerde verder in Poëziekrant, Kruispunt, Dietsche Warande en Belfort, Kreatief en De Vlaamse Gids.