Koen Sonck


Histoire d'amour sentimentale
(de nouveau)





Ze stond, zo leek het, met haar handen in haar zakken tegen een muur te leunen. Binnen dreunde en schreeuwde het lawaai afwisselend, het bier op de grond klom stilaan tot op enkelhoogte en het stonk er naar zweet en stompzinnigheid. Kortom, ik amuseerde me, verbeeldde ik me. Ik stond in de deuropening alcoholvrije lucht te happen. Een kwartier geleden waren het bier en de gincocktails in m'n keel beginnen opborrelen en ik was naar buiten gevlucht. Om plaats te maken voor meer. De frisse lucht had me echter een dienst bewezen waar ik niet om gevraagd had. De wereld rondom mij beantwoordde nog niet helemaal aan de wetten van het perspectief, maar de proporties begonnen stilaan weer geloofwaardig te worden en als ik me een beetje onmenselijk inspande, kon ik me alweer voorstellen hoe een nuchter mens die zou zien. Er ontbrak iets aan die fuif hier, dacht ik, maar wat? That's the question... wat? Mogelijkheden: vechtpartij, politie-inval, meer bier, meer gin, een gasontploffing, een acute malaria-epidemie, de langverwachte bom... Iets dat me zou doen vergeten wat een vreselijke avond dit was geweest en hoe ik van elke seconde genoten had, met die paar liter alcohol die in m'n maag aan het gisten waren. Ik begon nuchter te worden. Alles zag er met de minuut minder mooi uit. Ronduit lelijk zelfs: geen twijfel mogelijk... ik was zowaar nuchter aan het worden.