Frank Hellemans


Paul van Ostaijens 'dynamiese' esthetica en Theo van Doesburgs 'dynamo-elektrische' esthetica



1. De dynamiek van het futurisme


Na een symbolistische inrijperiode wou Marinetti vanaf 1909 komaf maken met alles wat verwees naar symbolisme, decadentisme of traditionalistische kunst in het algemeen. Hij bleef nochtans schatplichtig aan het symbolistisch vers-librisme ondanks zijn luid geproclameerde symbolistische vadermoord in Tuons le clair de lune (1910) en Nous renions nos maîtres les symbolistes, derniers amants de la lune (1911). In die eerste pseudo-futuristische opruimfase waarin de nadruk lag op de verkettering van hetgeen net tevoren aanbeden werd, viel toch al een opvallende nieuwigheid te signaleren. De talloze rhetorische knipoogjes naar allerlei technologische topics mochten dan in de eerste plaats schandaliserend bedoeld zijn, de frequentie waarmee ze bleven terugkeren, anticipeerde op een nieuwigheid. Contacten met andere gelijkgezinde (plastische) kunstenaars, zoals Boccioni en Severini deden Marinetti vanaf 1912 - toen hij zijn spraakmakend Technisch manifest publiceerde - de verbinding leggen tussen een nieuwe 'technologische' sensibiliteit en het futurisme als de ideale spreekbuis voor die typisch moderne sensibiliteit.

Wanneer Marinetti in zijn futuristisch manifest uit 1909 provocerend opmerkt dat een raceauto meer schoonheid belichaamt dan de Nikè van Samothrake, haalt hij zich de woede van heel kultuurminnend Italië op de hals. Daarin zou geleidelijk aan verandering komen wanneer Marinetti zijn rhetorische voorliefde voor alles wat met 'snelle' technologie heeft te maken ook daadwerkelijk in een min of meer consistente esthetica en poetica inpast. In die eerste fase koketteerde Marinetti in zekere zin vooral met technologische thema's. Vandaar dateert allicht ook zijn dubbelzinnige bewondering voor een dichter als Emile Verhaeren die, hoewel zeer traditionalisch-symbolistisch, toch technologische onderwerpen durfde te bezingen, zoals in zijn Villes tentaculaires. Marinetti deelde in die aanvangsperiode in Verhaerens tweeslachtigheid: hoe wild hij ook opgaf over de thematische schoonheid van de technologie, toch bleef hij impliciet zweren bij een symbolistische esthetica. In de secundaire literatuur wordt Marinetti's futurisme dan ook vaak verguisd als metaforische technologie-aanbidding zonder meer, die niets anders beoogde dan wat effectenjagerij. Zoals opgemerkt, doet er zich vanaf 1912 wel degelijk een kentering voor, waardoor de gratuïte technologische rhetoriek van tevoren een essentialistische wending krijgt. Marinetti zegt nergens duidelijker dan in zijn manifest uit 1913, Imagination sans fils et les mots en liberté, waar het futurisme nu eigenlijk zijn vernieuwende betekenis vandaan haalt: 'Le Futurisme a pour principe le complet renouvellement de la sensibilité humaine sous l'action des grandes découvertes scientifiques.'

Wanneer hij een opsomming geeft van die grote wetenschappelijke ontwikkelingen die het moderne bewustzijn totaal hebben veranderd - en die het futurisme in die verandering wil volgen - vallen de namen van een hele trits media-technologische ontdekkingen: 'Presque tous ceux qui se servent aujourd'hui du télégraphe, du téléphone, du gramophone, du train, de la bicyclette, de la motocyclette, de l'automobile, du transatlantique, du dirigeable, de l'aeroplane, du cinématographe et du grand quotidien (synthèse de la journée‚ du monde) ne songent pas que tout cela exerce sur notre esprit une influence décisive.' De snelheid van informatieoverdracht die aan elk van deze media inherent was, zorgde voor een nieuwe ogenblikkelijke synthese