De tram zit natuurlijk vol. Vol met grimmig kijkende forenzen die
het liefst de deur voor mijn doorweekte hersens zouden willen toesmijten.
Vanuit hun dominante positie kijken ze koel op me neer. Ik zet aarzelend
een voet op de onderste trede. De tramman gunt me geen blik. Wat doe
ik hier? Ik aarzel. Deze wezens hebben niets menselijks meer. Moet ik
vluchten, nu het nog kan? 'Doorschuiven! Ja, ja ik schuif al.
Ik heb een hekel aan kiezen. Links of rechts, ja of nee, wit of zwart,
op de tram, af de tram. Wij zijn verdoemd om te denken. Misschien had
ik wat minder moeten studeren, dan zou ik nu meer vertrouwen hebben
in mijn geweten. Ik denk, dus ik twijfel. Wat benijd ik die tramman.
Hij weet wie hij is. Hij kent zijn taak. Met vaste hand voert hij langs
hetzelfde spoor duizenden zielen naar de andere kant van de stad. En
ik, ik versnipper mezelf langs de wegen van mijn twijfel. Een hardnekkig
gevoerde strijd tegen verstarring, maar ik betaal het duur met schaamte
en vrees. Ik wrijf mijn brilglazen schoon, maar het is vergeefs, want
ze dampen terug aan. Het betert wel, denk ik. Als een blinde tast ik
naar de automaat en introduceer mijn slaphangende kaart. Na de geruststellende
perforatie wring ik me tussen twee natte lijven door. Het ene lijf behoort
toe aan een vrouw die enige gelijkenis vertoont met een door zware herfstregens
gezwollen peer. 'Doorschuiven!' Zoals het een heer betaamt draai
ik mijn rug naar haar toe en reduceer zo veel mogelijk de frictie tussen
onze achterwerken. Mijn voorkant pers ik schaamteloos tegen het dijbeen
van een niet onaardige juffrouw. Als ik na enig stuwen erin slaag me
uit hun omknelling te bevrijden, kom ik terecht in een groep giechelende
schoolmeisjes. Ik blijf niet staan om me af te vragen waarom ze lachen.
Ze weten het waarschijnlijk zelf niet.
Hubert had ook zo'n zus. Ik voel me niet op mijn gemak en baan me zwemmend
tussen flarden gesprekken een weg. Toch hou ik van het geluid van hun
zingende stemmen. Van de zon in hun ogen. Hun reclamehuid en het flitsend
wit van hun tanden. Maar ze maken me onrustig. Als een schim glijd ik
tussen hen door. Ze hebben gelukkig meer oog voor een paar knapen die
pronkerig sigaretjes staan te roken. Ach, baltsgedrag. Ik wuif de wolk
rook weg en duik onder hun armen door. De jongens ruiken nog lekkerder
dan de meisjes. Maar ze praten zonder melodie. Paukenwerk. Droge, hortende
blafjes. De natuur is wijs: Zij weet dat opposities elkaar aantrekken.
De meisjes ontwikkelen in de puberteit de sirenenzang van de giechelantropus.
De jongens stellen daar in hun onmacht de botheid van de Neanderthaler
tegenover. 'Doorschuiven!' De stoere jongens zwijgen even. Ik
weet het zeker nu: trammannen worden geselecteerd op het aantal decibels
dat ze kunnen produceren. Scherpte en doordringendheid worden geapprecieerd.
Eindproef: wie de pet past krijgt de tram. 'Doorschuiven!!!'.
Een abonnement op de papieren versie van De Brakke hond kost slechts 32 euro. Klik hier voor een abonnement.
Nummer nabestellen? klik hier.
De Brakke Hond is geen tijdschrift voor hondenliefhebbers die zich interesseren voor hondenvoeding, hondenverzorging, puppies en hondenvakanties, het bevat 100% literatuur.
Schrijf u in op onze nieuwsbrief "Letters". Vul hier uw e-mailadres in: